• Léon Stynen, woning Verstrepen, Boom, 1927. Architectuurarchief Vlaanderen - Vlaams Architectuurinstituut
  • Léon Stynen,eigen woning, Antwerpen. Architectuurarchief Vlaanderen - Vlaams Architectuurinstituut
  • Léon Stynen, BP-toren, Antwerpen. Architectuurarchief Vlaanderen - Vlaams Architectuurinstituut
  • Léon Stynen, deSingel, Antwerpen. Architectuurarchief Vlaanderen - Vlaams Architectuurinstituut
  • Léon Stynen, interieur Sint-Rita, Harelbeke. Architectuurarchief Vlaanderen - Vlaams Architectuurinstituut
project

Project Léon Stynen 2018

Léon Stynen (1899-1990) kreeg zijn opleiding tot architect aan de Antwerpse academie. Naast de realisatie van een belangrijk architecturaal oeuvre speelde hij ook een belangrijke rol in de ontwikkeling van het architectuuronderwijs en de uitbouw van beroepsstructuren in België. Hij werd in 1946 directeur van de architectuurafdeling van de academie van Antwerpen. In 1950 volgde hij Herman Teirlinck op als derde directeur van het Hoger Instituut voor de Sierkunsten Ter Kameren / Institut supérieur des Arts décoratifs de La Cambre. In 1963 werd hij de eerste nationale voorzitter van de toen opgerichte Orde van Architecten. In 1939 ontwierp Stynen samen met Henry van de Velde en Victor Bourgeois het Belgisch paviljoen voor de wereldtentoonstelling in New York. Bekende gebouwen van Stynen zijn deSingel (fase 1 en 2), de BP-Building, de casino’s van Oostende en Knokke.

In 2018 besteden het Vlaams Architectuurinstituut en zijn erfgoedafdeling Architectuurarchief Vlaanderen ruime aandacht aan de nalatenschap van Léon Stynen, met deSingel, de provincie Antwerpen en stad Antwerpen als belangrijke partners. Stynens archief berust dit jaar dertig jaar in het Architectuurarchief, tot vorig jaar een provinciale instelling, waar de overdracht destijds het startschot vormde voor de uitbouw van een rijke collectie architectuurarchieven. De Stynenviering zal bovendien deSingel als brandpunt hebben, een van de belangrijkste late realisaties van de architect, waar het Vlaams Architectuurinstituut gehuisvest is en waar een tentoonstelling over Stynen zal plaatsvinden in de Expozaal.

Op het programma staan onder andere een congres (december 2017), een tentoonstelling en een boek (najaar 2018), een wandelkaart (i.s.m. Stad Antwerpen) en ruime aandacht voor Antwerpse Stynenrealisaties tijdens Open Monumentendag 2018.

Congres

Op 7 en 8 december 2017 organiseerden het Vlaams Architectuurinstituut, het Centrum Vlaamse Architectuurarchieven en Architectuurarchief Provincie Antwerpen (waarvan de laatste twee sinds 1 januari 2018 het Architectuurarchief Vlaanderen vormen) als prelude op het Stynenjaar 2018 een internationale bijeenkomst rond architecten van het profiel en de generatie van Léon Stynen. De Vlaamse overheid ondersteunde dit congres met een internationale projectsubsidie.

  • Bekijk hier het volledige programma.
  • De keynote lecture van Adrian Forty, getiteld On becoming a Modernist Architect, kan u hier herbeluisteren.

Tentoonstelling

In oktober 2018 openen het Vlaams Architectuurinstituut en provincie Antwerpen in deSingel een tentoonstelling rond het oeuvre van Léon Stynen, vertrekkend vanuit zijn rijke en nog deels onverkende architectuurarchief. De tentoonstelling zal zich ook buiten de muren van de Expozaal begeven en de hele campus mee in het Stynenjaar betrekken. Een breder activiteitenprogramma, ook buiten deSingel, vult de tentoonstelling aan en laat een zo divers mogelijk publiek kennis maken met de architect en zijn erfenis. 

Publicatie

Tegelijk met de tentoonstelling lanceert het Vlaams Architectuurinstituut een publicatie rond het oeuvre van Stynen. Het boek zal een inleidend gedeelte bevatten over leven en werk, op basis van nieuw onderzoek in het Stynenarchief, gevolgd door essays over specifieke thema's of aspecten van Stynens oeuvre.

Meer over Stynen

Léon Stynen werd in zijn tijd erkend voor zijn grote verdiensten als architect, zijn betrokkenheid in het architectuuronderwijs en bij de bredere architectuurcultuur. Toch is hernieuwde aandacht voor de architect en zijn archief op zijn plaats en vraagt zijn gebouwde oeuvre (zoals andere oeuvres van andere (naoorlogse) Belgische modernisten) vandaag de nodige zorg. 

Lees meer over Stynen